Archief ‘Electroslak lassen’ categorie

Electroslak lassen

6 november 2007

 

Bij het starten van een lasproces wordt er een boog ontstoken tussen het werkstuk en de elektrode. Als de Flux die in de lasnaad is gedeponeerd smelt wordt er een slakbad gecreëerd dat zich naar beneden uitbreidt. Als daarbij de temperatuur van de slak en haar geleidende vermogen hoger worden, dooft de boog en wordt de lasstroom via de gesmolten slak geleid alwaar de noodzakelijke lasenergie wordt verkregen via weerstand.

De las wordt dan gevormd tussen vaste, watergekoelde koperen schoenen of tussen beweegbare schoenen aan de zijkant van de lasnaad. De laskop beweegt zich in opwaartse richting terwijl de las wordt gevormd. Afhankelijk van de plaatdikte worden een of meerdere draden als toevoegmateriaal gebruikt. Als het moedermateriaal erg dik is kan men de lasdraad laten pendelen.

Voordelen van deze methode zijn:
* Hoge productiviteit
* Lage voorbewerkingskosten
* Lassen in 1 laag, ongeacht de plaatdikte
* Geen hoekvervorming bij stomplassen
* Weinig dwarsspanning
* Beperkte kans op waterstofscheuren

Nadeel van deze methode is dat de grote hoeveelheid gebruikte energie oorzaak is van een trage afkoeling hetgeen kan leiden tot een te sterke korrelgroei in de warmte-beïnvloede-zone (HAZ). De kerftaaiheid van het moedermateriaal in de HAZ is niet hoog genoeg om te voldoen aan de eisen die gesteld worden aan gelaste constructies met garanties tegen scheuren bij lage temperaturen, ook wel “bestand tegen brosse breuken” genoemd.